Een koe is geen mus.
Category: Weblog (Page 164 of 290)
Hier begon het allemaal mee: gewoon de weblogjes.
Er was een stroomstoring, hoorde ik van huisgenoot Ron. En daardoor zouden alle pc’s bij mij dan nog uit staan.
Okay, redelijk verhaal.
Wat je dan niet verwacht, als je weer thuis komt, is dat je uplilnk poort van je hub tebarsten is, en dan 1 computer gewoon helemaal niet meer aan wil. Waar zou ie last van hebben?
Geen energie meer? Vermoeid moederkoek? Ligt ie in coma, dat z’n hersentjes niet meer zo erg functioneren? Last van geheugenverlies?
Hoe dan ook, als je op het power knopje drukt geeft hij geen sjoege. Nu heb ik nog wel wat PC-werk staan om te kunnen internetten, daar niet van, maar ik wil juist deze terug!
Allemaal handige software. En dingen. En… nou .. gewoon, hij moet gewoon terug! Ik mist hem!
Misschien dat Hayo nog wat kan doen. Die heeft hem vroeger ook gebouwd. Hij werkt niet meer als pc dokter denk ik, of in ieder geval ergens anders, maar misschien wil hij toch even kijken. Pro deo pc-dokter. Ofzoiets.
Ook als collega’s thuis werken blijven we collegiaal:
[11:05] Rolandow: oh shit, wou je ook koffie?
[11:05] Frank: nja
[11:05] Rolandow: ben ik jou vergeten
[11:05] Frank: haal zelluf wel
[11:05] Rolandow: ok
We kregen zojuist taart, omdat een collega terug is. Ene Fatima. Ik ken haar niet, en ik begreep dan ook niet zo goed waarom er nou precies taart werd uitgedeeld. Was ze jarig, was ze een tijd ziek?
Totdat ik naar boven moest om wat updates te verrichten aan onze nieuwe server. Ze zit dus blijkbaar in de ruimte waar ik doorheen moet om naar de serverruimte te komen. Ah, Fatima, en ik ben Roland. Ze steekt haar hand uit, en ik schud haar de hand.
Met een pijnlijk gezicht trekt ze haar hand terug. Ineens valt me het verband om haar pols op. En ineens weet ik waarom ze taart uitdeelde.
Blijkbaar was haar pols bijna genezen.
Sorry.

Bij het laatste stukje in amsterdam sta ik samen met een motorrijdster voor het stoplicht. Bij groen rijden we samen weg. Even verder wordt ze opgehouden door iets op haar weghelft, een fietser ofzo. Ik ga om haar heen en geef gas bij. Heerlijk die bocht die er aan komt. Dan moet ik achter de auto’s aansluiten voor alweer rond licht. wat had je nou gedaan als ik uit week voor die fietser?. Op dat moment wist ik niets te antwoorden, maar later dacht ik: je hardstikke dood rijden trut! Haha
Afgelopen weekend heb ik een stadleven in Arnhem van dichterbij bekeken. Althans, een klein deel daarvan, want ik heb eigenlijk maar één kroeg gezien.
De rest van de vriendengroep van m’n lief zien. Want we gaan tenslotte allemaal naar Zeeland! Een deel van de groep had ik al eens gezien. Nu de rest nog.
Bij aankomst kregen we spoedig een heerlijk maal toegedient. Kaaspasta. Nu wist ik van te voren niet wat ik hiervan denken moest, want zo vaak eet ik nu ook weer geen kaas. En er verdwenen ook een aantal kaassoorten in de pan die ik niet onder de noemer lekker plaats.
Maar gelukkig, het was erg lekker. En een goede bodem.
Hierna kon er begonnen worden aan het drankjes drinken. Normaal spoel ik de keel vooral met bier. Gewoon omdat dit in grote voorraad aanwezig is bij de vrienden waar ik mee omga. Hier was het echter meer de gewoonte om te mixen met allerlei sterke drank: wodka, tequilla, whiskey en weet ik ‘t wat nog meer.
Nadeel van Arnhem is dat de kroegen gewoon om 2:00 sluiten. Net als bij ons, heel lang geleden. Om half twaalf begonnen er dus mensen te roepen dat we echt weg moesten, anders was het de moeite niet meer. Een half uur later was de groep met moeite gemobiliseerd en kon de reis naar de binnenstad beginnen.
Mijke was ik al gauw kwijt, want die ging met een fiets van iemand alvast vooruit. Geeft niet, want Wouter had nog even gauw een liter meegenomen van een blauw drankje. Een drankje dat ik al eens had gedronken in de Longneck, een mixje met wodka erin, en erg verfrissend. Zo komen we de weg wel door.
Wouter vond onderweg ook nog een fiets. De banden waren er wel af, maar och, dat maakt verder weinig uit blijkbaar. Waar een wil is, is een weg, en weg wassie.
Op plaats van bestemming smeet wouter de fiets 5 cm naast zich op straat, pal voor de kroeg. Hier was de uitsmijter het niet zo mee eens, en die merkte dan ook op of die fiets niet aan de kant kon.
Binnen hebben we nog wat biertjes gedronken en gedanst. Vage tent opzich, die inderdaad om twee uur dicht ging.
Toen we weer buiten stonden moest er eerst gegeten worden in een shoarmatent die erg druk was. Het volgende moment hadden we allemaal te eten, en was iedereen aan ranzige broodjes aan het kluifen met veel saus.
Toen de terugweg. Inmiddels was het alcoholgehalte al aardig gestegen, en hiermee ook de drang om gekke dingen uit te halen. Twee gingen er op een scooter zitten, welke omkantelde tegen de muur op. Nog een geluk dat die muur er stond.
Herrie makend en dingen meeslepend zijn we naar de afterparty van Anne en Saskia gegaan. Toen we binnen waren, hadden binnen een paar seconden 3 mensen een instrument gevonden. Eén op een elektrisch gitaar, waar Anne ook de versterker voor haalde. Heel normaal om drie uur ‘s nachts.
Een ander had een akoestisch gitaar, en weer een ander was op een trommel aan het rammen. Misschien dat het nog het meest leek op hele harde rock ofzo. Dat het niet meer uitmaakt wát je precies speelt, als het maar hard is.
Anne was even weg, en kwam terug met een doos met haarnetjes. Van die dingen die mensen ook wel dragen als ze gaan opereren ofzoiets. Ook had hij een bak zonnebrillen mee. De boel werd uitgedeeld, en even later stonden we met z’n allen “verkleed” te dansen op de singletjes (jaja, 45 toeren plaatjes) die gedraaid werden.
Dit feest hield nog even aan en werd steeds gezellig. Bij het nummer van dat paard in die gang bij buurvrouw Jansen, werd er natuurlijk een polonaise ingezet die door het hele huis en over het balkon ging. Dit tot groot ongemak van de buren.
Het was denk ik een uur of vijf toen de groep die bij Tjerk en Danny sliepen naar huis gingen. En daar zaten Mijke en ik dus ook bij. Eenmaal buiten kwam daar net de politie aan. Speciaal voor ons. Volgens mij heb ik nog naar boven geschreeuwt (3 etages geloof ik) in een poging ze te waarschuwen. Tervergeefs.
Achteraf hoorden we het verhaal. De politie was inderdaad naar boven gegaan en had aangebeld. Anne doet open en roept enthousiast: Jullie zijn leuk verkleed! Jullie mogen ook wel meedoen!
Vonden ze geen goede opmerking. Dat de muziek zachter moest, en dat de volgende keer de apparatuur in beslag genomen zou worden.
De volgende dag hebben we er erg om kunnen lachen. De volgende dag bleek ook dat de rode loper die Wouter had meegebracht, nog steeds buiten lag. Eventjes dan, want een paar uur later was hij toch wel weg.
Ook bleken er jongens achter ons aan te lopen (vanaf de shoarma tent al) die ruzie met ons zochten. Er waren een paar mensen in de weer met een winkelwagentje waar iemand in lag en waar ze mee aan het rijden waren. De ruziezoekende jongens werden totaal genegeerd, en na een tijdje hadden ze toch wel door dat er hier geen eer te behalen was.
Was het uitgelopen op een ruzie, dan waren we vast gaan liggen. Dan is er niets meer aan natuurlijk.
Het lichaam begon steeds meer te protesteren, en in de midadg zijn we maar weer eens richting Amsterdam gegaan. Een zeer geslaagde avond, alleen jammer dat Arnhem zo ver is. Heenweg is geen probleem, maar terug is het toch minder. Dan wil je gewoon naar huis.
Naar Zeeland (of de volgende keer) gaat er zeker een camera mee. Dan kan ik eens wat dingen vastleggen op de gevoelige plaat.
Groep 6, bedankt hoor :-).
Zo op z’n tijd wel effe lekker hoor. Vooral op het werk. Koptelefoontje op, en even helemaal weg.
Vocal trance. Had er nog nooit van gehoord, maar dit is geloof ik wel mijn smaak wat betreft mysteryland/dance valley achtige feesten.
Uit het hart uit het oog.
Jawel, die uitdrukking kennen we allemaal wel natuurlijk. Zie je iemand niet meer, dan denk je er ook niet meer aan. Daarvan zijn er genoeg voorbeelden te noemen. Famillieleden die je alleen bij trouwerijen of begravenissen ziet. Klasgenoten waarvan je de naam niet eens meer weet. Collega’s van die vorige baas die je nooit meer ziet, simpelweg omdat je er gewoon niet meer komt.
Maar hoe zit het eigenlijk andersom?
Mensen waarvan je weet dat het eigenlijk altijd wel goed zit? Mensen die je niet persé vaak hoeft te zien, om toch een gevoel bij te hebben van hechte vriendschap. Waar je het gevoel bij hebt dat je eigenlijk altijd wel bij ze aan kunt kloppen.
Vandaag was ik op bezoek bij Paula. Even bijkletsen. Er zijn een hoop dingen gebeurd, een hoop dingen die we allebei niet van elkaar wisten. Er komen andere dingen in je leven, andere dingen waar je het druk mee hebt, andere dingen waardoor je elkaar niet meer elke dag ziet. Zoals vroeger.
Dan is het dus ook onvermijdelijk dat je uit elkaar groeit. Daar hadden we het in het begin van de avond over. We vinden het allebei ontzettend jammer om niet meer op de hoogte te zijn van elkaar. Niet meer precies weten waar de ander zijn dagen mee vult, wat er nieuw is of nieuw aan gaat komen, en welke grote problemen er misschien spelen.
Maar eigenlijk, dacht ik later, eigenlijk maakt het niet zo gek veel uit. Als het gevoel maar goed zit. Vind ik dan. Als ik wat gevoel betreft maar voel dat het eigenlijk nooit stuk kan.
En dat gevoel hèb ik. Een plekje in mijn hart dat er nooit meer uit kan. Uit het oog, misschien, maar uit het hart, nooit.
Hoeveel mensen kennen we eigenlijk die nooit meer uit het hart gaan?
Uit het oog.
Nooit uit het hart.
Ik heb in ieder geval wel ontdekt hoe je het snelst de ingevroren nasi weer warm krijgt.
Probleem is natuurlijk dat je 1 homp nasi hebt. Daar gooi je iemand met gemak de hersenpan mee in. En die homp duurt heel lang om tot van binnen in warm te worden. Bovendien is die homp teveel, en bovendien is de buitenkant van die homp dan helemaal uitgedroogd of verbrand.
Dus de boel moet klein gemaakt worden. Nu heeft bikken met een vork tot nu toe niet geleid tot het gewenste resultaat. Tuurlijk, de nasi wordt kleiner, maar het springt alle kanten op, en bovendien is het een hels karwei.
Wat blijkt nu: snij het in stukken met een broodmes. De broodmes heeft fijne kartels waardoor het relatief makkelijk door het ijs heen snijdt. En als je de partjes klein genoeg maakt, vallen ze deels vanzelf al uit elkaar.
Even de magnetron in voor een minuut of vijf, en er dan even uithalen om de boel rond te scheppen en nog meer uit elkaar te trekken.
Wat niet al te dikke sate saus erbij om de droogte tegen te gaan, en uw maal is klaar.
Hoppeta!